Delfts Symphonie Orkest

Klassiek speelt bij DSO!

Sjostakovitsj: Symfonie nr. 9

“Ze wilden een fanfare van me, een ode. Ze wilden dat ik een majestueuze negende symfonie schreef. Iedereen prees Stalin en nu werd ik geacht mee te doen aan die onzalige affaire. En ze eisten dat Sjostakovitsj viervoudige houtblazers, koor en solisten zou gebruiken om de Leider te eren. Des te meer omdat Stalin het getal veelbelovend vond. Hij zou kunnen zeggen: dit is het, onze nationale Negende.”

Veel componisten hebben met hun negende symfonie hun Magnum Opus afgeleverd: denk aan Mahler, Bruckner, Schubert, Dvorak en, als beroemdste van allemaal, Beethoven. 
Iets dergelijks moet ook Sjostakovitsj oorspronkelijk van plan zijn geweest. Al  voor het einde van de Tweede Wereldoorlog kondigde hij aan dat hij een groots werk zou gaan schrijven met koor en solisten, om de overwinning op Hitler luister bij te zetten. Wat Tsjaikovski had gedaan met zijn Ouverture 1812 zou Sjostakovitsj in de 20e eeuw gaan herhalen.  En het moet gezegd: in het voorjaar van 1945 presenteerde hij aan zijn leerlingen fragmenten van het werk waar hij mee bezig was die inderdaad groots en meeslepend waren. Maar toen gebeurde er iets vreemds: hij onderbrak het werk aan de symfonie voor drie maanden en zette vervolgens een totaal andere koers in. Het werk waar hij in het najaar mee op de proppen kwam is eerder een anti-Negende: over het geheel genomen licht van kleur en orkestratie, kort van tijdsduur en totaal niet pretentieus. Was het inderdaad omdat hij Stalin niet wilde eren, zoals bovenstaand fragment uit zijn “memoires” suggereert? In ieder geval werd het hem uiteindelijk niet in dank afgenomen. Na aanvankelijk redelijk gunstig ontvangen te zijn kwam de kritiek geleidelijk los, niet alleen in de Sovjet-Unie maar ook in het Westen. De componist zou een te kinderachtig stuk hebben geschreven, niet passend bij de ernst van het moment. In 1948 werd het stuk, samen met veel andere werken van zijn hand, in de ban gedaan, en pas ruim na de dood van Stalin zou het daar uit komen.

De negende van Sjostakovitsj mag dan wel licht en luchtig lijken, het is beslist geen oppervlakkig stuk. De vrolijkheid zit vooral in de snelle delen. De langzame zijn bedachtzaam (deel 2) of grimmig en gekweld (deel 4). De muziek van Sjostakovitsj grossiert in grote soli voor de houtblazers en de negende symfonie vormt daarop geen uitzondering, met geweldige partijen voor met name fluit, piccolo, klarinet en fagot. Hoewel de muziek “tonaal” is gaan de melodieën en harmonieën alle kanten op en is de instrumentatie vaak schril, wat het tot een modern aandoend stuk maakt.