Delfts Symphonie Orkest

Klassiek speelt bij DSO!

Melancholie in Brahms Tragische Ouverture

“Ik kon mijn melancholieke aard het genoegen niet weigeren om een ouverture te componeren voor een tragedie”. Zo schreef Johannes Brahms over zijn Tragische Ouvertüre aan zijn uitgever Fritz Simrock. Men gaat dan meteen denken: welke tragedie? Een literair werk, of iets in het persoonlijk leven van de componist? Voor geen van beide mogelijkheden zijn serieuze aanwijzingen. De sleutel tot dit stuk ligt dan ook eerder bij de eerste helft van de zin: “mijn melancholieke aard”. Brahms was een serieuze man met inderdaad melancholieke (maar niet depressieve) trekken. En die gemoedstoestand zou de sfeer van deze ouverture beter beschrijven. Brahms verklaarde zelf dat hij na de vrolijkheid van de Akademische Festouvertüre – waarmee het in werkelijkheid nogal meevalt – een sombere tegenhanger wilde componeren.

Als er inderdaad een tragisch stuk is waarnaar deze ouverture verwijst , dan is dat geen literair werk maar een andere muzikale compositie: de ouverture Coriolan van Beethoven. Dezelfde harde klappen aan het begin, dezelfde ernst en verbetenheid, en een soortgelijke muzikale vorm: een zogenaamde omgekeerde sonatevorm. Maar er zijn ook overeenkomsten met Wagner’s ouverture tot Der Fliegende Holländer.

De Tragische Ouvertüre, met zijn krachtige maar tegelijk ingehouden emoties, leidde lange tijd een wat achtergesteld bestaan in de schaduw van de meer direct aansprekende Akademische Festouvertüre, maar wordt nu algemeen erkend als een van Brahms’ sterkste composities.