Uit: Haagsche Courant, 18 januari 1999
MUZIEK
Delfts Symfonie Orkest o.l.v. Wim Roerade
m.m.v. Willemijn van Gent, sopraan, Gijsbert Kok, orgel
Werken van Gounod, Berlioz en Saint-Saëns
Gehoord: zaterdag in de Nieuwe Badkapel, Scheveningen
DOOR MARIEKE STOEL
Het Delfts Symfonie Orkest had een programma samengesteld met Franse
composities uit de negentiende eeuw. Geopend werd met de uit zeven delen
bestaande balletmuziek uit de opera 'Faust' van Charles Gounod.
Zonder aarzelen werd deze levensvreugde uitstralende muziek neergezet.
Direct al trok het orkest de aandacht met de galant en vrij gespeelde
driekwartsmaat in de eerste wals. Ook de overige delen klonken
karaktervol met hun bonte klankkleuren.
Pas in het laatste deel kwam een fanatieke duivel van Faust om de hoek
kijken met bombastische circusmuziek, afgewisseld met vleierige liefelijkheid.
Na de luchtigheid van Gounod kwam de liederencyclus 'Les Nuits d'Éte' van
Hector Berlioz extra gecompliceerd over. Die complexiteit zit vooral in de
orkestbegeleiding, de stijl is lastig te grijpen in zijn grilligheid van
snel wisselende tempi en technieken.
De warme, wollige directie van Wim Roerade bleek gunstig voor de orkestklank,
maar was op sommige momenten nadelig voor de ritmische precisie. Sopraan
Willemijn van Gent was goed toegerust voor de solopartij van dit werk.
De van een verloren liefde verhalende, ietwat neurotische gedichten werden
doorvoeld en met een goede, bijbehorende gespannenheid gezongen. Het
enige wat te wensen bleef was wat meer karakter in de laagte en een
nog betere verstaanbaarheid.
De Orgelsymfonie van Saint-Saëns klonk tot slot superromantisch en toch helder
in de polyfone lijnen. Organist Gijsbert Kok liet zijn registraties mengen met
de orkestklank. Terecht voorkwam hij dat het toch bescheiden aandeel
van het orgel zou domineren in het geheel. Het Delfts Symfonie Orkest liet
horen dat het in alle geledingen kwaliteit in huis heeft, waaronder opvallend
goede blazers.